fbpx

Exclusief interview met I’m With Her

Geschreven door

Interview met I'm With Her

 

Na twee succesvolle Amsterdamse concerten in 2018 stond folk- en americana-trio I’m With Her op zaterdag 23 maart voor de derde keer binnen een jaar in de hoofdstad op het podium. Deze keer in de compleet uitverkochte grote zaal van Paradiso, waar de drie zangeressen - Sara Watkins, Sarah Jarosz en Aoife O’Donovan - het publiek muisstil wisten te houden met hun subtiele nummers. Eerder op de avond, tussen de soundcheck en het diner, had het drietal even de tijd voor een interview over het leven op tournee en songschrijven.

 

Om te beginnen: welkom terug in Amsterdam. En mag ik jullie meteen feliciteren met de Award voor Artiest van het Jaar op de Internationale Folk Awards in Toronto? Dat was zeer verdiend.

 

Sara Watkins: Dank je, het is fijn om weer terug te zijn.

 

Hoe bevalt deze Europese tournee tot dusver?

 

Sarah Jarosz: Heel goed! We vliegen deze keer overal naartoe, omdat de steden waar we spelen erg ver uit elkaar liggen. We begonnen in Londen, toen vlogen we naar Kopenhagen, Oslo en Amsterdam, en morgenochtend om acht uur moeten we alweer op Schiphol zijn om naar Barcelona te gaan, voordat we weer naar de Verenigde Staten vliegen.

 

Ik heb even naar jullie tourschema gekeken, en jullie moeten dit jaar nog heel wat over de wereld reizen. Zelfs Australië staat op de agenda.

 

SW: Ja, daar gaan we volgende maand heen. Ik verheug me er enorm op. Daarna hebben we een behoorlijk drukke zomer, en in de herfst staat er ook van alles op het programma. Dus inderdaad, dit is de meest uitgebreide tour die ieder van ons ooit heeft gedaan, en dat voelt fantastisch. Meestal krijg je als artiest niet de kans om zo lang met één album onderweg te zijn. Dus het voelt echt als een privilege dat we dit kunnen doen, zeker omdat dit onze eerste plaat als band is. Dit is al onze derde bezoek aan Amsterdam binnen jaar, en onze vierde trip naar Europa… of is het nou de vijfde? Hoe dan ook, dat voelt echt ongelofelijk.

 

Ik wil even een stukje terug in de tijd gaan. Jullie begonnen in 2014 met deze band, toen jullie alledrie soloartiest waren. Vervolgens brachten jullie in 2016 eerst nog soloplaten uit, voordat in 2018 het band-album verscheen. En die plaat drijft echt op samenwerking. Jullie komen hier niet over als soloartiesten die om beurten hun eigen liedjes zingen, terwijl de anderen achtergrondzang doen. Het draait echt om de harmonieën.

 

SW: Dat was vanaf het begin ook de opzet. We wilden een echte band zijn. Zelfs voordat we samen nummers begonnen te schrijven, probeerden we nummers van anderen zo te arrangeren dat we er ons eigen stempel op konden drukken. Op dat moment waren we echt nog op zoek naar ons eigen geluid, en toen we eenmaal zelf begonnen met schrijven ging dat heel natuurlijk en gelijkwaardig. Dat was een heel belangrijk principe voor ons, dus ik ben blij dat je dat hebt opgemerkt.

 

En hoe ging dat schrijven in zijn werk? Deden jullie dat tijdens het touren of namen jullie er de tijd voor?

 

SJ: Nadat we besloten hadden om een band te beginnen, hebben we in 2015 sporadisch samen getourd, vooral in Europa en Engeland, maar ook in de VS. Aanvankelijk schreven we nog niets zelf. We zochten alleen nummers uit die ons aanspraken en die minder goed op ons solowerk aansloten.Het was heel productief om eerst muziek van anderen te arrangeren voordat we met eigen nummers aan de slag gingen. Tegen de tijd dat we onze eerste echte schrijfsessie deden, in Los Angeles in de zomer van 2015, waren we al een jaar bij elkaar. In december van dat jaar zijn we acht dagen naar Vermont gegaan, en daar hebben we het grootste gedeelte van het album geschreven.

 

En ondertussen waren jullie ook met soloplaten bezig. Dat moet een hoop organisatiewerk hebben opgeleverd.

 

Aoife O’Donovan: Zeker weten. Twee weken na die sessies in Vermont vlogen we naar Engeland om het album op te nemen. Dat duurde drie weken. En vervolgens vlogen we terug naar de VS op de dag dat mijn soloplaat uitkwam.

 

SJ: En de mijne verscheen in juni…

 

SW: En de mijne in juli. Maar eigenlijk kwam het heel goed uit dat we alledrie zo kort achter elkaar platen uitbrachten. Daardoor hadden we daarna tegelijk onze handen vrij om aan de band te werken. Als één van ons bijvoorbeeld pas een jaar later een plaat had gemaakt, zou het allemaal veel lastiger zijn geweest om te regelen. Maar omdat onze eigen projecten allemaal achter de rug waren, konden we ons volledig op dit project richten.

 

En toen verscheen het album, en het sloeg hier meteen aan. Ik weet niet hoe het in de VS was, maar hier in Europa had iedere folk- en americana-fan het erover. Hoe voelde het toen jullie voor het eerst in Amsterdam kwamen en zo’n warm welkom kregen van het publiek?

 

AD: Dat was echt fantastisch. Ik kan me nog precies herinneren hoe het voelde om in Paradiso Noord het podium op te stappen. Op dat moment was ik al helemaal verliefd op de stad. We waren de dag ervoor aangekomen. Het was prachtig lenteweer en we hadden al uitgebreid rondgekeken. En toen we bij die prachtige zaal arriveerden en zagen hoe enthousiast iedereen was, terwijl we nog geen noot hadden gespeeld… ongelofelijk! Dat was echt een fantastisch gevoel voor ons alledrie.

 

SJ: Er werd zelfs meegezongen! En op dat moment was de plaat nog maar net een paar maanden uit! Het is zo fantastisch als zoiets gebeurt, dat hadden we nog niet eerder meegemaakt. De respons in de VS was best goed, maar meezingen? Dat hadden we nog niet eerder meegemaakt.

 

SW: Het was zo cool. We stonden elkaar aan te kijken en waren echt even sprakeloos.

 

En een paar maanden later kwamen jullie terug voor het Once In A Blue Moon festival. En daar gebeurde iets wat ik absoluut niet had verwacht: jullie deden een nummer samen met David Crosby! Hoe was het om met zo’n levende legende samen te zingen?

 

SJ: Dat was echt heel speciaal, om te kunnen zingen met iemand waar we allemaal zo veel respect voor hebben. We hadden het nummer Overland uitgekozen, een nummer dat ik nu echt met Amsterdam associeer, want dat zong het publiek de eerste keer ook mee. Dus dat was echt een heel bijzonder moment.

 

Nog één laatste vraag: Sara, jij zei net nadrukkelijk dat dit jullie eerste album als band is. Mag ik daaruit afleiden dat er ook een tweede gaat komen?

 

SW: Ja, dat denk ik zeker. We zijn het er absoluut over eens dat er een toekomst in deze band zit. Of het meteen ons volgende project wordt, dat is een andere vraag. Het kan ook dat we eerst weer aan soloprojecten en andere dingen gaan werken. Maar we zijn vastbesloten dat I’m With Her nog heel lang door blijft gaan.

 

­
Cookies maken het eenvoudiger voor ons om onze diensten te leveren. Met het gebruik van onze diensten geef je ons toestemming om cookies te gebruiken.
Ok